Bijna dagelijks lees je over vluchtelingen en immigranten en de reden waarom we vooral het te integreren volume moeten reguleren. Dit reguleren lijkt vooral op angst gebaseerd in plaats van op rationele overwegingen. Het is niet zo dat we niet meer gasten kunnen ontvangen en integreren in onze samenleving. We zijn vooral bang om onze identiteit te verliezen. En hoe we integreren is vooral proberen alle verschillen weg te poetsen. Want als alles hetzelfde is snappen we onze omgeving en de wereld. Onze capaciteit – mensen en middelen – daarvoor is echter beperkt. Alleen missen we de culturele en ethische waarde van wat deze gasten mee kunnen brengen, als we niet accepteren dat anders zijn en verschillend doen ook goed en leuk kan zijn en per definitie waardevol is.

Verslaving

Deze aandrang om alles te categoriseren, normaliseren en egaliseren is ook in de IT industrie een bijna onbeheersbare beweging, die eerder op een verslaving lijkt dan op waardecreatie door en vanuit data en informatie. Vaak gebeuren deze activiteiten onder de noemers van data management en integratie en we proberen de complete context te snappen door er een common data model (CDM) voor te maken. Events (lees gebeurtenissen die data veroorzaakt hebben in de IT systemen) veranderen om er hapklare brokken voor een specifieke context van te maken, betekent dat informatie verloren gaat en nieuwe data ontstaat. We doen hier vaak niets mee, vooral ook omdat we dit soort activiteiten niet zien als events. Het zijn ook geen natuurlijke events, maar kunstmatige, die in principe alleen waarde hebben om de integratie te snappen. Het creëren van onnatuurlijke events is één van de allerduurste dingen die we doen in onze IT landschappen. Naast de complexiteit van het maken, rijzen er ook allerlei governance vraagstukken. Wie is waar verantwoordelijk voor, wie mag bijvoorbeeld het CDM aanpassen, en hoe zit het met de wirwar aan standaarden en richtlijnen die bewaakt moet worden?. Daarmee is de vraag gerechtvaardigd: Is dat allemaal echt nodig?

De tijden zijn veranderd

De vraag is niet zozeer of integratie nodig is, maar meer wanneer en daarna hoe is integratie nodig. Geïntegreerde data in onze datawarehouses en data-lakes zijn daar niet opgeslagen omdat ze daardoor meer waardevol zijn. Het zijn performance optimalisaties, stammend uit een tijd dat we dure computercapaciteit en beperkte netwerksnelheid hadden en we zo optimaal mogelijk met onze middelen moesten omgaan. Maar tijden veranderen, computercapaciteit is nauwelijks nog schaars te noemen en de snelheid waarmee datatransfers gedaan kunnen worden, is fenomenaal vergeleken met vroeger. Dit geeft ons de kans om opnieuw te kijken naar de parametertijd.

Maak onderscheid

Transporteren en transformeren van data worden in integratieland vaak als één ding gezien en daarom ook in één tool opgelost. Het zijn natuurlijk wezenlijk verschillende dingen en als we ze ook zo behandelen gaat er een wereld aan mogelijkheden open. Wat nu als we data alleen transporteren wanneer we die nodig hebben of moeten opslaan voor later gebruik? Wat nu als we alleen data transformeren op het moment dat we het nodig hebben? Dit zijn twee heel verschillende zaken en die zouden zowel in tijd als technologie gescheiden moeten worden.

Gouden kansen

Inmiddels is het zo dat bijna iedereen beschikking heeft over een smartphone en/of een laptop. De rekenkracht van deze apparaten wordt zelden maximaal benut. Het zou dus niet zo moeilijk moeten zijn om pas op het allerlaatste moment, op het apparaat waar we de data nodig hebben, die data te transformeren en gebruiken. En gelukkig zien we die beweging steeds meer, vooral gedreven door IOT en kunstmatige intelligentie ontwikkelingen. Dure integratie landschappen zijn geleidelijk aan het verdampen. Relaties die van data informatie maken worden steeds later, en soms zelfs real time, gelegd. Helaas zijn de in beton gegoten administratieve systemen vaak zover nog niet. Daar liggen dus enorme kansen om de complexiteit af te breken, de kosten te verlagen en de eindgebruikers een betere ervaring aan te bieden.

De Edge

Integratie op de Edge is relatief nieuw en wordt in mijn opinie terecht gehypet. Het gaat de wereld veranderen. In plaats van gigantische centrale computerlandschappen in dure rekencentra gaan we steeds meer gebruikmaken van de rekenkracht die een ieder bij zich draagt. Integratie diep in de ouderwetse monolieten zal zeker niet morgen verdwenen zijn, maar de winnaars beginnen nu, of zijn al begonnen, met de benodigde transformatie van hun architectuur en technologie.

Als we van transformeren vertalen maken en van integreren transporteren, gaan we sneller, goedkoper en met minder informatieverlies echt gebruik maken van de data die we met zijn allen genereren. Dan wordt integratie een Superpower. Net als in de echte wereld gaan we gebeurtenissen vastleggen zonder dat er onmiddellijk de behoefte zou moeten zijn om alles te transformeren en egaliseren. Ik durf de stelling wel aan dat integratie op het laatste moment kwalitatief beter en goedkoper is dat vooraf transformeren meer inzicht oplevert .

Houd jij je kennis graag up to date?

Mis niets meer van onze kennisdocumenten, events, blogs en cases: ontvang als eerste het laatste nieuws in je inbox!

Fijn dat we je op de hoogte mogen houden!