Voldaan en in een licht bedwelmde staat, de schuldige is een mooi flesje rood, stappen we de straat op. Van het restaurant naar mijn huis is ongeveer 2 kilometer, als we een beetje doorlopen zijn we over 20 minuten thuis. Het begint te regenen. Ik kijk om me heen: Waarom is er nooit openbaar vervoer als je het nodig hebt? Naast me zucht mijn vriendin gelaten: ‘Het zal eens niet zo zijn, weer Nederlands weer.’ We zetten er flink de kuierlatten in en proberen tevergeefs tussen de grootste druppels door te laveren door van afdak naar afdak te rennen.

Het komt er nu met bakken tegelijk uit en we besluiten om even te schuilen. Terwijl ik onder een afdak wacht, droom ik weg en bedenk dat als mijn dorp ook maar een klein beetje slim was, ik nu zonder problemen droog thuis zou kunnen zijn. Maar voor die slimmigheid is eerst een hoop dommigheid nodig is. Dommigheid in de vorm van technologie die niet kan analyseren of denken, maar alleen kan constateren zonder er iets van te vinden. Pas daarna kan je er iets slims meedoen.

Machine learning en AI (kunstmatige intelligentie) zijn afhankelijk van bakken en bakken met data. Naast dat we online deze slimme machines voeden, wordt de software ook gevoed door sensordata. De reden dat AI zo’n vlucht aan het nemen is, is dat we enorme hoeveelheden data met elkaar produceren en dat sensoren de afgelopen 10 jaar exponentieel goedkoper geworden zijn. En dat maakt o.a. het volgende mogelijk:

  1. De fysieke wereld kan nu verregaand gedigitaliseerd worden. Dat betekent voor ondernemers o.a. dat al hun producten en assets online gaan komen. Met als gevolg dat de omgeving waarin hun medewerkers en klanten zich bevinden niet alleen verrijkt gaat worden met sensordata, maar dat er nieuwe businessmodellen ontstaan op basis van de feedbackloop vanuit de omgevingsdata naar de ondernemer.
  2. Volgend op punt 1 zou je kunnen bedenken dat we steden en dorpen digitaliseren. Daarmee gaan we onze leefomgeving veranderen en optimaliseren zoals we dat nog nooit eerder konden doen. Met name over dit punt wil ik in de rest van deze blog wat verder brainstormen.

Met camera’s en/of sensoren in elke straat, stoeptegel, plantenbak, straatverlichting, auto’s, mobiele telefoons en al het andere waar we gebruik van maken, is het mogelijk om onze omgeving veiliger en ons gedrag voorspelbaar te maken. We staan aan de voet van Mount Technologie en met elke stap de berg opbergopwaarts krijgen we nieuwe mogelijkheden die ons dagelijks leven vergemakkelijken, de welvaart verhogen en zorgen dat we beter met ons milieu omgaan. Laten we er eens paar verkennen:

Verlichting

In onze woningen en kantoren worden bewegingssensoren en slimme verlichting steeds normaler. Wanneer is de straatverlichting aan de beurt? Het wordt namelijk niet alleen mogelijk om verlichting op beweging te laten reageren. Zowel wijzelf als auto’s, zijn in toenemende mate van slimme software voorzien. Onze mobiele telefoons en routeplanners zouden met de verlichting kunnen praten, zodat alleen dié verlichting aan is, die nodig is voor overzicht en veiligheid. Daarnaast zouden bijvoorbeeld 112 meldingen kunnen leiden tot verlichting op die plekken waar iets aan de hand is. Bijkomend voordeel is dat we door minder stroomverbruik het milieu minder gaan belasten.

Vervoer

Zelfrijdende auto’s komen er aan, maar voordat iedereen erover kan beschikken, hebben we zeker nog een overgangsperiode van 10 jaar. Toch kan in die tijd vervoer al vergaand geoptimaliseerd worden. Door koppeling van persoonlijke agenda’s, weerberichten, sociale media, sensoren en camera’s, kan vervoer gepersonaliseerd worden. Naast ingewikkelde planningen en hopen op aansluitingen in openbaar vervoer kan nu, door nieuwe sensor- en cameratechnologie, sneller ingespeeld worden op een vervoersverzoek. Er kan zelfs geoptimaliseerd en gepersonaliseerd worden door het delen en vullen van de stoelen in een auto of taxi. Gedrag van de reiziger komt centraal ten staan in plaats van planning van resources. Win-Win voor zowel vervoerder, reiziger als milieu.

Veiligheid

Slimme verlichting, zoals hierboven al genoemd, draagt zeker ook bij aan de veiligheid, maar we kunnen nog meer doen. Als alles met alles praat kunnen we er ook voor zorgen dat hulpdiensten sneller ter plekke zijn door de route naar de bestemming vrij te maken. Bovendien hoeven we niet te wachten als iemand onwel wordt, totdat iemand 112 belt. Zowel constateren van incidenten en analyse daarop, bv: ´wat zou er aan de hand kunnen zijn en hoe ernstig is het´, kunnen in seconden gedaan worden. Reactietijd op veiligheidsincidenten zou daarmee drastisch verlaagd kunnen worden. In ernstige gevallen zou dat het verschil tussen leven en dood kunnen betekenen. Ook communiceren met omstanders m.b.t. te nemen acties, kan gedaan worden voordat de hulpdiensten ter plekke zijn. En wat te denken van het opsporen van inbrekers, tasjesrovers en winkeldieven? Ze maken weinig kans als ze door de omgeving geautomatiseerd gevolgd en daardoor snel onderschept kunnen worden.

Commercie

Afzonderlijke en groepen mensen hebben gedragspatronen die al jaren door psychologen, marketeers en ook ondernemers onderzocht worden. Weten waarom iemand iets uit een schap in een winkel pakt en het weer terug zet, is minstens zo interessant als waarom hij het in zijn winkelwagen zet en uiteindelijk afrekent. In het verleden hadden we alleen beschikking over de data van het eindresultaat bij de kassa, wat maar een heel klein deel van het gedrag vertegenwoordigd. Door meer sensoren in o.a. commerciële zones te plaatsen krijgt de ondernemer meer data en door analyses een veel rijker beeld van het gedrag en de behoefte van zijn klanten. Als ondernemers door de toegenomen technologische ontwikkelingen met elkaar gaan samenwerken en het gedrag van hun klanten gezamenlijk analyseren, is het mogelijk om ook gezamenlijk te evolueren naar een hoger niveau. Daarmee bedoel ik dat ondernemers ongetwijfeld kansen laten liggen, simpelweg omdat ze niet weten dat bepaalde niches bestaan. De ervaring en het gevoel van klanten kan enorm verrijkt worden als ondernemers steeds meer kunnen personaliseren en voortdurend het aanbod kunnen aanpassen. Daarnaast ligt er een enorme kans om de steeds grotere leegstand in winkelcentra met nieuwe retail ecosystemen te vullen. Wat naast technologie nodig is, is leiderschap bij ondernemers die de toekomst zien, willen samenwerken en kansen zien om zowel zichzelf als de maatschappij naar een nieuw en beter niveau van consumeren te brengen.

 

Technologie is gestopt met gestaag groeien en is begonnen aan een versnelling die zijn weerga in onze tienduizendjarige geschiedenis niet kent. De maatschappij verandert drastisch maar niet zonder dat wij daar invloed op hebben. Hierboven licht ik, op een positieve manier, een klein tipje van de sluier op naar wat mogelijk is. En tussen de regels door is te lezen dat eigenlijk alles gaat over beïnvloeding van gedrag. Daar hoort overigens een waarschuwing bij. De pessimisten hebben een minstens even goed punt als ze een dystopie schetsen, waarin we gehersenspoelde marionetten worden. Dat is helaas al de realiteit. Kijk maar naar wat er in China gebeurt. De overheid monitort en bewaakt burgers in de grote steden met meer dan 300 miljoen camera’s en talloze sensoren. Met door de overheid goedgekeurd gedrag kunnen social credits verdient worden. Fout gedrag wordt bestraft met minpunten. Het hebben van deze credits levert voordelen op, echter het niet voldoen aan de norm is desastreus. Allerlei zaken worden je ontzegd, zoals bijvoorbeeld vliegreizen, verzekeringen, woningen, auto’s en zelfs banen en scholing. Het is aan ons om het hier nooit zover te laten komen en dat gaat nog best een dingetje worden.

Helaas heeft ethiek en wat we accepteren alles met technologie en gewenning te maken. Er zijn zaken die we in eerste instantie niet accepteren, omdat we bijvoorbeeld vinden dat de voordelen niet opwegen tegen mogelijk misbruik. Maar al te vaak verwatert dit en wordt uiteindelijk toch een manier of argument gevonden om zowel goed als kwaad met nieuwe technologieën te faciliteren. Hoe gaan we hier uit komen? Wat we in het verleden gedaan hebben, heeft nauwelijks of niet gewerkt. De politiek zou ons moeten helpen? Persoonlijk heb ik daar weinig vertrouwen in. Zolang als politiek synoniem is met belangen vertegenwoordiging op een niveau waar de maatschappij nauwelijks nog controle heeft op normen en waarden, gaan we het daar niet mee redden. Maar misschien dat technologie daar uiteindelijk ook een oplossing voor heeft.